Beleid en business case

Walstroom, FuelEU Maritime, AFIR en ERE-E

Europese regels verplichten bepaalde havens en schepen om walstroom te regelen. ERE-E kan nu extra opbrengst geven. Volgens de huidige Nederlandse regels is walstroom tot en met 2029 inboekbaar.

17 september 2026·PYK Power·3 min leestijd
Haven met zeeschepen en walstroomvoorzieningen

Wat havens en schepen moeten regelen

AFIR verplicht lidstaten om uiterlijk 31 december 2029 in bepaalde TEN-T-zeehavens voldoende walstroom beschikbaar te hebben. Het gaat om container- en passagiersschepen boven 5.000 GT (bruto tonnage). Of een haven onder de verplichting valt, hangt onder meer af van het scheepstype en het gemiddelde aantal aanlopen over drie jaar.

De voorziening moet minstens 90% van de relevante aanlopen kunnen bedienen. Dat percentage gaat over havenaanlopen, met wettelijke uitzonderingen, en zegt dus niets over de uptime van één laadpunt.

FuelEU Maritime verplicht container- en passagiersschepen binnen de reikwijdte vanaf 1 januari 2030 tot walstroomgebruik in de havens die onder artikel 9 van AFIR vallen. Een toegestane emissievrije technologie kan ook voldoen. Vanaf 2035 geldt de plicht ook in andere EU-havens waar walstroom beschikbaar is. Er zijn uitzonderingen, onder meer voor verblijven korter dan twee uur en bepaalde noodsituaties.

ERE-E voor walstroom loopt nu tot en met 2029

Binnen de Nederlandse uitwerking van RED III kan geleverde stroom ERE-E opleveren. Binnenvaart valt onder BRE-E, zeevaart onder ZRE-E. Op een terminal kan daarnaast LRE-E ontstaan uit laden van voertuigen en kwalificerende mobiele machines.

De NEa noemt walstroom aan binnenvaart- en zeeschepen inboekbaar tot en met 2029. Trek deze opbrengst daarom niet door naar 2030 en later zonder nieuwe wettelijke grondslag. De Europese walstroomplicht verlengt de Nederlandse ERE-regeling niet.

De opbrengst komt uit verkoop van de eenheden en hangt af van de kwalificerende levering, het hernieuwbare aandeel, kosten en marktprijs. Spreek af welk deel bij de haven, exploitant, aangeslotene of gebruiker terechtkomt.

Leg de levering vast vanaf de eerste dag

Zorg dat u per levering kunt terugvinden:

  • de hoofdaansluiting met EAN, aangeslotene en eventuele machtiging;
  • het bemeterde leverpunt, de meter en de gemeten kWh;
  • het schip, de sector, de ligplaats en de leveringsperiode;
  • de bijbehorende facturen, contracten, storingen en correcties;
  • de herkomst van de stroom en eventuele niet-netlevering-GvO's.

Stroom voor gebouwen en andere niet-kwalificerende installaties moet buiten de inboeking blijven. Richt de meting daarop in voordat de installatie in gebruik gaat.

PYK Power brengt bestaande laad- en walstroomdata samen met bewijsstukken. Gegevens uit OCPP, API's, exports en meters kunnen per sessie, locatie en klant worden gekoppeld. Zo zijn indicatieve ERE-waarde, prijsindicaties en ontbrekende stukken gedurende het jaar te volgen.

Ook het verschil tussen netstroom en aantoonbaar volledig hernieuwbare stroom kan worden doorgerekend. De uitkomst blijft indicatief totdat inboeking, verificatie en verkoop zijn afgerond. Laat de meterindeling en afspraken over opbrengsten daarom vóór de aanleg controleren.

Bronnen

Gerelateerde artikelen

Plan uw walstroom-ERE-E scan

We controleren welke stroomleveringen meetellen, of uw meters voldoen en welke gegevens nog ontbreken.